Het verkeer in Havana kan zonder meer druk genoemd worden. Het straatbeeld wordt bepaald door oude Amerikaanse karossen uit de jaren ’40 en ’50, Russische eenheidskoekblikken, tweetaktmotorfietsen, zijspancombinaties en ronkende en roet uitstotende vrachtauto’s en autobussen.

Carros de Cuba
Carro de La Habana

En iedere keer dat er gas gegeven wordt, walmen de zwarte en blauwe dampen om de voetganger heen en overal stroomt de kostbare benzine uit alle roestige hoeken en gaten. Optrekken bij een kruising? De uitlaatpijpen sproeien wolken van onverbrande benzinedruppels. Remmen bij de volgende kruising? Opnieuw gulpt de benzine in het rond, ditmaal uit de brandstoftanks, waarvan de vuldoppen al lang geleden zijn kwijtgeraakt. Stilstaan in de file? Drup, drup, drup aan de onderzijde van de auto’s. En overal die niet te vermijden geur van miljoenen jaren oude fossiele brandstof. ‘s Ochtends bij het ontwaken, snuif. Bij het ontbijt op de binnenplaats van het hotel, petroleumlucht uit de keuken vermengd met te vaak gesmolten varkensvet. De straat op. Nee, de waarheid moet gezegd: Cuba stinkt dat het een oordeel is. Misschien komt daar de grap onder de Cubanen vandaan die vertelt waarom de paus een paar jaar terug Cuba bezocht: om alvast te ervaren hoe de hel moet zijn.

Carros de Cuba
Carros de La Habana

Er rijden ook moderne auto’s in Cuba rond. Oh, zeker. Japanse Daihatsu’s, Franse Peugeots, grote Audi’s, goedkope Koreaantjes. Maar iedere Cubaan weet feilloos, als er geen taxibordje op het dak geschroefd is of als er geen naam op staat van een staatsreisorganisatie, dan rijdt daar toch zeker een pak Amerikaanse dollars rond in de vorm van nog uit te kleden buitenlandse toeristen. Want Cubanen kunnen zich dergelijke auto’s niet veroorloven. Al deze moderne voertuigen maken deel uit van de vloot huurauto’s die de Cubaanse staat ter beschikking stelt aan de florerende toeristenindustrie.

Avida dollars

En de Cubaan heeft behoefte aan dollars. Want sinds het land van de ene op de andere dag door Gorbatsjov in de steek werd gelaten, verkeert het in permanente economische crisis, door de communistische leiders eufemistisch aangeduid als de “Speciale Periode” (want op het woord crisis rust een zwaar taboe binnen het jargon van het reëel socialisme). Om de nood te lenigen werd het verbod op dollarbezit opgeheven (stond zeven jaar gevangenisstraf op) en werd de dollar tot wettig betaalmiddel verklaard. En passant werd ook het verbod op praten met buitenlanders opgeheven, want ze mochten nu komen, de toeristen. En ze kwamen ook in groten getale, aangespoord door de schattige muziek van de oude mannetjes van de Buena Vista Social Club. Uit Canada, uit Spanje, uit Italië, uit Nederland en zelfs uit de Verenigde Staten, aartsvijand número uno. De toeristen waren plotseling meer dan welkom. Dit alles in een poging om de nare gevolgen van de Período Especial te boven te komen.

Resultaat: de toch al waardeloze Cubaanse peso werd nu ook door de Cubanen zelf niet meer serieus genomen. Alles wat er nog aan schaarse luxegoederen te koop was voor ca. 30 peso’s (ongeveer één dollar), zoals zeep, shampoo en wasmiddel verdween subiet naar de toeristenwinkels, zodat ook Cubanen zich genoodzaakt zagen om dollars in bezit te krijgen, wilden ze hun haar nog kunnen wassen. En dus wordt iedere buitenlander aangeklampt (makkelijk herkenbaar aan de rood verbrande koppen waar het zweet van afgutst), teneinde hem met veel mooie praatjes van de vrachtauto gevallen sigaren, een nachtje met het veertienjarige zusje (very beautiful, Sir), een goedkope kamer bij particulieren thuis (muy económico) of een gezamenlijk etentje in een paladar (privérestaurant) te verkopen. Niet? Een taxiritje dan in zo’n oude Amerikaanse auto? Koud bier gratis!

Carros de Cuba
La Habana – taxi

Koud bier? Stromen onverbrande benzine zul je bedoelen! Want wie in zo’n oude Amerikaanse auto plaatsneemt, weet zich gelijk omwalmd door penetrante petroleumdampen, die uit alle gaten en kieren van het dashboard en door de roestige bodem van de auto komen sijpelen. En maar klagen dat de benzine zo onbetaalbaar is geworden.

En dan na vijfhonderd meter rijden houdt de motor er mee op. De chauffeur probeert hem nog een keer te starten, maar dringt niet al te lang aan (de accu!). Hij weet wat hem te doen staat: bijtanken. De auto blijft pontificaal op straat staan. Het overige verkeer kruipt er zonder morren links en rechts omheen. Chauffeur stapt uit, motor- en kofferklep gaan omhoog (ziet er uit of een stel zonnende krokodillen hun muilen vervaarlijk openen) en vanonder de achterklep worden twee jerrycans getild. Twee? Ja, want niet alleen de benzine wordt bijgevuld, het koelwater was ongeveer tegelijkertijd ook op. Dit verbruik van brandstof en koelwater gaat met gelijke tred. Bijvullen dan maar. Drup, drup, drup aan de onderkant van de auto. Ik begrijp nu dat het water dat in de straten van Havana altijd door de goten stroomt waarschijnlijk niet geschikt is om een beginnend brandje mee te blussen.

La Habana - taxista
La Habana – taxista

Weer instappen, alle deuren met een hol ijzeren geluid dichtklappen en voorwaarts maar weer. Na een aantal kruisingen stuiten we op wegwerkzaamheden, d.w.z. een kiepauto voor ons stort een berg zand neer ter hoogte van een hol karkas dat eens een koloniaal monument was uit de tijd dat de Spanjaarden het nog voor het zeggen hadden in Cuba. Overal draaiende betonmolens. Eén van de arbeiders komt onze taxichauffeur melden dat hij niet verder kan rijden omdat verderop de straat afgesloten is voor al het gemotoriseerd verkeer. Daar begint immers het oude gerestaureerde koloniale deel van Havana (door UNESCO aangewezen Wereld Cultureel Erfgoed). De chauffeur vertelt ons dat we maar moeten uitstappen, het is toch niet ver meer naar ons hotel. Maar of we alsjeblieft willen helpen met het achteruit duwen van z’n auto, want met deze versperring had hij geen rekening gehouden. Geen probleem! Natuurlijk helpen wij even de auto terug te duwen. Het valt ons al honderd procent mee dat we hiervoor niet ook een dollar hoeven te betalen.

Carros de Cuba
Taxi de La Habana

Amsterdam, september 2002

Zie ook Carros de Cuba, een ode aan de Cubaanse auto.