Het meisje van het hotel in Comillas had ons al gewaarschuwd voor de hitte die er in dit jaargetijde in de Picos kon heersen. Niks eeuwige sneeuw op de bergtoppen. Brandende zon zou ons deel zijn.

Picos de Europa
Picos de Europa

Het doel was Potes, een stadje dat door alle reisgidsen wordt aanbevolen als ideaal vertrekpunt voor excursies, wandelingen, trektochten en ander natuurvertier. Vanzelfsprekend gehoorzaamden wij als echte stadsmensen deze adviezen en we reden met de door de airco gekoelde auto door een onvoorstelbaar mooi dal (bergen, bossen, rivier, overhangende kliffen, samengeperst langs één kronkelende autoweg) richting dit stadje.

Picos de Europa - La Vera
Picos de Europa – La Vera

Potes bleek één grote parkeerplaats voor touringcars te zijn, waarlangs bijna uitsluitend souvenirwinkels gevestigd waren om het reisvolk ansichtkaarten, typische kazen, worsten en wandelstokken te verkopen. Temidden van deze bedrijvigheid stond de eeuwenoude kerk te koop bij de plaatselijke makelaar. Achter de kerk van Potes was het uitzicht op de bergen wel indrukwekkend. Toch hebben we buiten Potes ons heil gezocht voor een overnachtingsplaats. Die vonden we in La Vega, een landelijk gehucht, waar we bij een bejaarde kamerverhuurster onderdak vonden. La Vega bood alles waar we behoefte aan hadden. Een bar met restaurant, een snelstromende rivier om onze voeten in af te koelen en door de straten loslopende koeien met bellen om de nek. Precies de ingrediënten die een stadsmens het idee geven dat hij echt op vakantie is.

De volgende dag zetten we koers naar Fuente Dé, van waaruit de reisgids ons een kabelbaan beloofde naar de hoogste toppen van de Picos de Europa. Het eindstation van de kabelbaan zou een goed vertrekpunt zijn voor een stevige trektocht door het hooggebergte. We waren op alles voorbereid: stevige schoenen aan, rugzakken met proviand omgegord, een extra trui voor de kou, een regenjas. Fuente Dé bleek een nog groter gekkenhuis dan Potes. Hoewel toch al een aardig eind in de bergen gelegen, was het er bloedheet. Ook hier enorme parkeerterreinen vol met auto’s en drommen en drommen dagjesmensen. Over onze hoofden zagen we een cabine zich in de lucht verheffen richting de ongenaakbare toppen. Deze kabelbaancabine zag er uit als een trammetje uit Praag en was afgeladen met mensen.

Picos de Europa - roofvogel
Picos de Europa – roofvogel

We moesten zeker drie kwartier in de rij staan voor een kaartje en toen we het eenmaal bemachtigd hadden, werd ons doodleuk verteld dat de wachttijd twee uur bedroeg! Ons nummertje zou omgeroepen worden. Gelukkig konden we, om de tijd te doden, een show met gedresseerde roofvogels bijwonen.

Picos de Europa
Picos de Europa

Eindelijk werd ons nummertje omgeroepen en was het onze beurt om in het trammetje zonder wielen plaats te nemen. Drie minuten later waren we 800 meter hoger bovenop de top van de berg getild, waar het, pffft, nog steeds 30 graden was en geen zuchtje wind stond. De omgeving was ongetwijfeld indrukwekkend, maar die twee Landrovers van waaruit opnieuw ansichtkaarten, typische kazen, worsten en wandelstokken werden verkocht, ontnamen ons de moed om nu eens een echte bergwandeling te ondernemen. We liepen het pad een eindje af, namen wat foto’s en keerden terug naar het kabelbaanstation, waar we weer in een rij mochten aansluiten om een half uur…, enz. Eenmaal weer beneden wisten we niet hoe snel we onze auto moesten opzoeken tussen het geparkeerde blik om weer terug te racen naar onze klingelende koeien langs de snelstromende rivier. ‘s Avonds wachtte ons nog een nieuw avontuur.

Roses, september 2000