Reizen

Bloggen met de telefoon

Treintje

De foto van het treintje werd genomen met een HTC Desire Z, een telefoon uitgerust met Android van Google. Vervolgens de foto ingevoegd m.b.v. WordPress voor Android, van commentaar voorzien (dit bericht) en online gezet. Om te testen of ik op termijn onderweg de weblog kan onderhouden met berichten en foto’s. De kwaliteit van de foto is heel behoorlijk, in aanmerking genomen dat het treintje van dichtbij onder kunstlicht werd gefotografeerd zonder flits. De foto werd door WordPress automatisch verkleind tot 400 pixels breed.

Gepost met WordPress voor Android

Tags:

vrijdag, maart 18th, 2011 Foto's, Les anecdotes, Reizen, Rijden Geen reacties

De eerste keer met de Voxan naar Spanje…

Op het station van Den Bosch

Vast? Dat weet je nooit helemaal zeker, he! We hebben wel eens meegemaakt dat twee van die grote Harleys bij aankomst in Zuid-Frankrijk buiten de wagon hingen. Wel aangekomen, maar toch total loss! Je bent toch wel goed verzekerd? De mannen met de reflecterende gele vestjes grijnsden gemeen. Ik voelde nog maar eens aan de motor. Geen millimeter speling. Hij stond echt onverroerbaar vast, ingeklemd tussen twee ijzeren blokken en strakgespannen met gele spanbanden.

Station Den Bosch

Station Den Bosch

Station Den Bosch - regelaar

Station Den Bosch - regelaar

Wachten op de trein

Wachten op de trein

Vastzetten met spanbanden

Vastzetten met spanbanden

Klaar voor vertrek

Klaar voor vertrek

In Avignon - hij staat er nog

In Avignon - hij staat er nog

Wachten...

Wachten...

Een laatste plaatje

Een laatste plaatje

Nederland – Spanje; de snelste en goedkoopste manier om er te komen is ongetwijfeld het vliegtuig. Prijsbrekers als Transavia (voorheen Basiq Air), Easyjet, en Ryanair maken de overtocht wel heel gemakkelijk. Nadeel: je moet ter plaatse een auto huren als je ergens heen wil dat niet op loopafstand ligt. En dat is in Spanje al heel gauw. Tweede mogelijkheid: je neemt je hele hebben en houden mee in de auto, zet de blik op oneindig en raast de Autoroute du Soleil af. Zo kun je, als het moet in één dag Spanje bereiken, d.w.z. in ca. 13 a 14 uur, mits je niet terecht komt in de gevreesde vakantiefiles nabij Antwerpen, Luxemburg, Lyon of tussen Narbonne en Perpignan. Prettiger is het meestal om halverwege de rit je intrek te nemen in zo’n plastic blokkendoos van Hotel Formule 1 of Etappe en ’s ochtends buiten op het terras in de zon en onder het geraas van de nabije snelweg een croissantje en een grote bak slappe koffie-met-melk te nuttigen. Maar ook kun je, – ’t is tenslotte vakantie, de motorfiets uit de stalling halen, netjes oppoetsen en dan met de tent achterop door het Franse land tuffen over de Route Nationale. Zo kun je in drie dagen de Pyreneeën bereiken. ’s Zomers is de kans op erg slecht weer zeker aanwezig, maar meestal kom je er met een goed regenpak wel doorheen. De volgende dag ben je dan gearriveerd in een ander klimaat en best kans dat de zon dan wel hoog en warm aan de hemel staat.

Alle geschetste varianten heb ik meer dan eens ondernomen, hoewel de motor alweer een aantal jaren geleden voor het laatst werd ingezet. Hij werd tenslotte een dagje ouder en het visioen van pech langs de onafzienbare wuivende graanvelden in Noord-Frankrijk sprak minder aan. Maar het knaagde wel, want menigmaal zag ik met afgunst de Nederlandse, Belgische en Duitse motorrijders met koffers, tent en andere noodzakelijke bepakking over de boulevards van de Costa Brava rijden. Zij wel! En ook miste ik de mooie tochten over de haarspeldbochten van de Spaanse bergen of over de eindeloze vlakten van het Spaanse binnenland. Of simpelweg met grote snelheid in je t-shirt en korte broek even naar de supermarkt scheuren om bier te halen voor bij de barbacoas.

Het was duidelijk, er moest een nieuwe motor komen! Het werd een grote, capabele machine van 1000cc en 100pk vermogen. Meer dan voldoende om comfortabel, maar toch lekker met je kop in de wind de reis naar Spanje te ondernemen. Helaas bleek de machine, gloednieuw of niet, te lijden aan een paar kinderziektes, die weliswaar onder garantie werden aangepakt, maar die het vertrouwen in de moderne electronica danig ondermijnden. De eenzame eindeloze graanvelden in Noord-Frankrijk drongen zich opnieuw aan mij op. Wat als ik daar nu eens pech kreeg? De oude motor wist ik altijd met het boordgereedschap aan de praat te houden. De nieuwe motor liet mij in korte tijd al twee keer hopeloos staan. De garagehouder bij wie ik de motor had gekocht, verzekerde mij dat de derde reparatie echt goed was gedaan en dat ik mij geen zorgen had te maken. Tja, wat te doen?

Iemand opperde: waarom neem je niet de motorslaaptrein? Je stapt in Den Bosch op en je rijdt je motor er in Avignon weer af. En met leedvermaak: in het ergste geval kunnen je vrienden in Spanje je met een aanhangwagen bij Avignon komen ophalen. De complete route in beschouwing nemend, bedacht ik mij dat hij er in de loop van de jaren niet aantrekkelijker op was geworden. Het saaie stuk door Noord-Frankrijk was toch al niet mijn favoriete stuk en de Route Nationale onder Clermont-Ferrand was rechtgetrokken tot een snelweg die hooghartig over de bergen en de dalen heen was neergezet op duizelingwekkend hoge pilaren. Een knap staaltje van wegenbouwkunst, maar om er te rijden op een motor zonder windscherm? Vermoeiend en saai! Ja, het is besloten, we nemen de motorslaaptrein.

La moto y el tren - © 2004 KAMA Systems AmsterdamIn Den Bosch joegen de regenwolken over het station heen, even later gevolgd door een enorme wolkbreuk die het stationsplein in mum van tijd blank zette. Mensen zetten het op een hollen met de krant boven het hoofd. Ik had geluk. De vorige wolkbreuk ontspon zich boven Amsterdam vlak voor vertrek. De motor stond inmiddels vastgesjord op het autodek van de trein en ik nam nog een broodje met koffie in de stationsrestauratie. Tot nu ging alles voorspoedig. Morgenochtend vroeg zou ik ontwaken in Zuid-Frankrijk, de motor van het dek afrollen en de laatste 370 km naar mijn bestemming afleggen. Het zou daar vast bloedwarm zijn en de cicaden zouden in de bomen tsjirpen. Een heerlijk vooruitzicht. Om zes uur zette de trein zich in beweging, ik deelde het compartiment met een viertal fietsers die al jaren ervaring met de trein hadden en mij vermaakten met sterke verhalen over besneeuwde en bevroren Alpenpassen. In de zomer! Een uur later voelde ik mij al een deserteur, omdat ik in de restauratiewagon een tafel gereserveerd had en de fietsers een maaltijd in een plastic bakje geserveerd kregen. Dag jongens, eet smakelijk! Het was nu mijn tijd om gemeen te grijnzen. De restauratiewagen was, in tegenstelling tot de rest van de trein, netjes opgeknapt en zag er prettig modern uit. De trein voerde ons eerst door Limburg, hield een tijd stil in Maastricht en schommelde vervolgens door de Voerstreek en westelijk van de Hoge Venen richting Luxemburg, waar de locomotief voor Frankrijk stond te wachten. En ook al ken je genoemde streken goed, vanuit de trein ziet alles er plotseling heel anders uit. Je kijkt in achtertuintjes, op onooglijke balkonnetjes, langs troosteloze industrieterreinen en al die tijd zit je aan een smakelijke maaltijd met een heerlijk glas Zuid-Afrikaanse wijn. Tegen de tijd dat het landschap zijn aantrekkelijkheid verliest is het donker geworden en tijd om je bed op te zoeken.

La moto y el sol - © 2004 KAMA Systems AmsterdamVan slapen komt niet echt veel door het geraas waarmee de locomotief de wagons voortjaagt over piepende bochten, rammelende wissels en talloze rangeerterreinen. Half indommelend zag ik mijn motor meer dan eens van de wagon afkieperen, totdat ik besloot dat ik hier toch geen controle over had en mij maar beter te rusten moest leggen. Voor het gevoel slechts een paar uur later schijnt er plotseling helder licht in het compartiment vanaf de gang. Het bed uit klimmen en de gang op. Het is half zes en de net opgekomen zon verlicht de volle maan helder over het Rhonedal nabij Valence. Een sprookjesachtig gezicht. De Autoroute du Soleil komt meer dan eens in zicht en de trein haalt met groot gemak het voortrazende autoverkeer in. Wat ik ben ik blij dat ik in de trein zit en niet daar op de autosnelweg deelneem aan de ratrace. Nog geen twee uur later rijdt de trein het station van Avignon binnen. Uitstappen. Ha, de zon schijnt en het is warm. De cicaden klapperen luidruchtig in de bomen. Naar de motor kijken. Die staat nog in precies dezelfde positie op het autodek. Een goed uur later mogen we de voertuigen afladen en niet heel lang daarna snor ik tevreden de stad Avignon uit, de laatste 370 km voor de boeg, op weg naar Spanje.

Amsterdam 5 juli 2004 – dit artikel verscheen eerder op de site van Spaans Leren

Tags:

dinsdag, december 7th, 2010 Les anecdotes, Reizen Geen reacties